woensdag 3 november 2010

Els Clottemans, Iraanse versie, maar tien keer erger

Shahla leest de krant tijdens haar proces

Gisterenavond keek ik met verbijstering naar een aflevering van het Canvas-programma Virus. Het ging om een Iraanse documentaire met als titel The Red Card (2006), gemaakt door regisseuse Mahnaz Afzali.

De documentaire gaat over de moord die in 2002 werd gepleegd op de vrouw van de Iraanse voetbalster Nasser Mohammad Khani. Khani beleefde midden jaren tachtig zijn gouden tijd in het Iraanse nationale team en ook bij Persepolis Teheran.

Meteen werd de minnares van Khani verdacht: Khadijeh Jahed, beter bekend als Shahla. Ze zou de moord hebben gepleegd uit jaloezie en wraak, en ging ook over tot een bekentenis.

Althans, zo leek het, want tijdens het process trok Shahla haar bekentenis weer in en zei ze dat ze alleen onder zware mentale en lichamelijke druk de feiten had toegegeven.

The Red Card laat het proces van Shahla zien, die zichzelf verdedigde – iets wat in Iran vaker gebeurt. Een uur lang heb ik met open mond en met veel pijn in het hart gekeken naar deze jonge vrouw die zichzelf met hand en tand verdedigt voor het oog van de familie van het slachtoffer, de Iraanse tabloids, een corrupte macho-rechter en niet te vergeten ook haar minnaar zelf, met wie ze vier jaar een relatie had. Shahla omzeilt met lef alle islamitische conventies: ze draagt make-up, ze laat haar vuur en passie zien, ze flirt soms met de rechter ('Verontschuldig mij voor mijn brutaliteit, maar ik vind u aardig, ik beken dat ik dat echt vind') en ze draagt geen zwarte chador maar een kleurige hoofddoek.

Haar minnaar kijkt haar amper aan en heeft zichzelf sinds de moord een nieuwe rol aangemeten: plots heeft hij een baard - voor religieus Iran een teken van vroomheid - en doet hij alsof hij Shahla amper kent en nooit echt bemind heeft – iets wat wordt tegengesproken door de homemade videobeelden die deze documentaire laat zien en die werden gefilmd door Shahla zelf.

Immers: Khani had een waar liefdesnestje ingericht voor Shahla; een appartement in Teheran waar hij vaker was dan bij zijn gezin. Het koppel ging een 'sigheh' aan. Dat is een vorm van tijdelijk huwelijk dat enkel bestaat in de sjiitische islam. De religieuze verbintenis, die wordt afgesloten door een imam, staat mannen en vrouwen toe tijdelijke relaties te hebben buiten het huwelijk. Een sigheh kan voor enkele minuten worden afgesloten, maar kan ook jaren duren.

In het appartement zorgde Shahla voor alles: het eten, de was en de schoonmaak. En voor de drugs: opium in hun geval. Vier jaar lang ging alles goed. Khani kwam als het hem beliefde en Shahla ging de rest van de tijd volledig op in de roes van de opium.

In 2002, wanneer Khani in Duitsland op oefenkamp is, vindt een van zijn kinderen op een dag zijn moeder, Laleh Saharkhizan, dood terug in de ouderlijke slaapkamer. De vrouw was met messteken om het leven gebracht.

Shahla wordt opgepakt en bekent de moord. Tijdens het proces wordt zelfs een politievideo afgespeeld waarop de moord gereconstrueerd werd. Daarin zie je Shahla een houten lepel vasthouden die het mes moet voorstellen. Later trekt ze dus haar bekentenis in en zegt ze dat ze 's nachts naar het huis van haar minnaar was gelokt en dat ze naar de slaapkamer was gelopen, waar ze het lijk aantrof. 'Ik heb haar bedekt met een deken. Ik voelde mij misselijk. Ik heb haar niet vermoord', zag ik haar gisterenavond theatraal en in tranen uitroepen op de laatste dag van haar proces, haar blik gericht op haar minnaar. 'Ik zweer dat ik het niet gedaan heb. Was het een zonde om van je te houden?'

Het is het laatste shot vanuit de rechtszaal, en ik kreeg er koude rillingen van. Shahla werd in 2004 veroordeeld tot de strop, maar het einde van deze prachtige documentaire – gemaakt door Mahnaz Afzali, die overtuigd was van de onschuld van Shahla - laat zien hoe de zaak iets later een onverwachte wending krijgt. Er duikt bewijsmateriaal op waaruit blijkt dat Khani's vrouw net voor haar moord seks heeft gehad, wat duidelijk maakt wie eigenlijk de hoofdverdachte dient te zijn. Er is sperma gevonden en er is nog gedoucht. Maar Khani blijft buiten schot, net zoals zijn opiumverslaving wordt verdoezeld. Zoals zo vaak in Iran zijn het de vrouwen die het gedaan hebben.

In 2008 bepaalde het Hooggerechtshof dat de zaak heropend dient te worden door het nieuwe bewijsmateriaal. Shahla verblijft vandaag nog steeds in de gevangenis.

In België maken we ons terecht druk over de zaak-Clottemans, waar iemand schuldig wordt bevonden zonder enig materieel bewijs, maar in Iran zijn er duizenden vrouwen zoals Els Clottemans.

Je kan een aantal delen van de documentaire op YouTube bekijken: deel 1, deel 2 en deel 3.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen