donderdag 1 juli 2010

Een dipje in de liefde

Ik heb al vaker gezegd en geschreven dat wat ik voor Iran voel echte liefde is. Dat blijft waar, maar de voorbije dagen is de liefde wat minder vurig dan anders. Dat zit zo: ik heb even genoeg van de leugens, de absurditeit en de waanzin die me vanuit Iran bereiken. Zo las ik gisteren dit bericht, waarin verteld wordt dat de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Manouchehr Mottaki beweert dat de vijanden van Iran gefaald hebben in het WK voetbal, net omdat ze sancties tegen de Islamitische Republiek ondersteunen. Brazilië doet dat niet, en dat is volgens Mottaki de reden dat het land het zo goed doet op het WK.

Hoeveel absurder kan het nog worden?

En dan dit bericht van gisteren, over Neda Agha-Soltan, de vrouw van mijn leeftijd die werd neergeschoten op mijn voorlaatste dag in Iran. De Amerikaanse zender HBO heeft over haar deze aangrijpende documentaire uitgezonden, en het kan niet anders of het fanatieke Iraanse regime is al met een antwoord gekomen over de 'ware toedracht' van de dood van Neda. Volgens hen heeft een vrouw - natuurlijk, een vrouw, alle kwaad komt van vrouwen volgens de fanatici - vanuit een vrachtwagen Neda neergeschoten, met een pistool dat in haar handtas zat verborgen.

How low can you go?

Wat me de afgelopen week nog het meest pijn heeft gedaan, zijn de haatdragende reacties op een column van Kader Abdolah van een zekere 'Tehrani', een man die op het Volkskrant-forum beweert dat Abdolah een nepvluchteling is en regelmatig met vakantie naar Iran gaat. Ik kon niet geloven dat iemand zoiets zou beweren. Het voelde als een harde klap in mijn gezicht. Ik ben tegen de man ingegaan, maar het heeft geen zin: hij is gewoon een gek. Ik ken Abdolah persoonlijk en weet absoluut zeker dat hij sinds zijn vlucht in 1985 nooit naar Iran is geweest, dat hij dat niet mag, en dat hij zijn vaderland erg mist. Het erge is dat er altijd mensen zijn die 'Tehrani' zullen geloven - zo gaat dat nu eenmaal, het is blijkbaar erg gemakkelijk om leugens voor waarheid te verkopen. Abdolah is succesvol en dat creëert afgunst.

Maar zoals ik dus zei: ik was door die drie berichten zo ontgoocheld, dat de liefde even bekoeld is en ik mezelf op dit moment wat moet inspannen om het nieuws over Iran te volgen. Het gaat wel weer over. Misschien maakt het mijn liefde voor Iran net echter: niet alles kan immers rozengeur en maneschijn zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen